Blog7: Onder de Spaanse zon en tussen het groene goud. Real-Life-Soap! Oppassen…!

 In Blog

Roy van Zanten Dolend in het zuiden van Spanje. Real-Life-Soap.

Blog7: ‘Onder de Spaanse zon en tussen het groene goud.’

Oppassen…!

Zittend bij het zwembad overdenk ik mijn leven. Afgelopen vrijdag heb ik Pablo weg gebracht naar Baza, vanwaar hij de bus heeft genomen naar Murcia, om van daaruit te vliegen naar Australië. Hij was zenuwachtig. Tegenwoordig moet je ook aan zoveel dingen denken als je gaat vliegen. Je computers, telefoons, e-tickets, opladers, verschillende stekkers, paspoort en ook nog schone onderbroeken. Op het busstation trakteerde hij zichzelf op een gin-tonic om wat te kalmeren. ‘Als ik mijn aansluitende vliegtuig mis kost me dat dik 1500 dollar,’ had hij al drie keer gezegd. Maar hij had zijn zaakjes goed voor elkaar kwa overnachtingen en vluchten. Inmiddels weet ik dat hij goed is aangekomen in Brisbane. Hij is de eerste die de groep heeft verlaten.

Zondag waren Martin en Karlijn aan de beurt. Zij verlieten het huis om met de auto richting Nederland te gaan. Het afscheid was hectisch en zwaar. Ik had een tijdje geleden aan Martin aangeboden dat als hij ooit iemand zocht om tijdens zijn vakantie op zijn huis te passen, hij op mij kon rekenen. En nu zit ik hier bij het zwembad in de chiringuito, huisje met open keuken, toilet en douche, en pompkamer. Voor mijn neus staat een kopje sterke koffie gemaakt met de grappige vintage espressomachine van DeLonghi. Boven in de hondenkennel zitten Ai-Mie en Kansas, twee lieve vrouwtjeshonden van een Zwitsers ras. Eigenlijk zou Martin alleen Kansas hier laten, maar net voor vertrek kwam daar verandering in.
Het huis staat op een heuvel met een redelijk groot stuk grond eromheen met oprijlaan, zwembad en chiringuito, hondenkennel, en een tuin vol planten en olijfbomen. Mijn tweede koffie wordt een wijntje en ik proost met het glas naar de kobaltblauwe lucht: ‘Op je herwonnen vrijheid Roy!’ Ik ben nou eenmaal graag alleen.

Uiteraard moest ik nog even verifiëren bij Bert of hij ook akkoord was met mijn oppas-klus. Hij was gelijk blij voor me. Prima dus. Voor ik wegging uit Castril heb ik hem nog een flinke hand geholpen met wat groot spul, meubels, balken en puin, wat uit zijn huis weg moest en voorlopig opgeslagen is in de garage. Iedereen blij dus. Dat heb ik het liefst.

Ik ben al een paar dagen bezig met zand kruien. Er was een stuk van de tuin ingestort door overmatig sproeien. Daar is nu een muur van ruim twee meter hoog voor geplaatst en de loze ruimte die ontstaan is moet opgevuld worden. Door de muurbouwers zijn vier big bags van een kub aarde neergezet op het terrein. Martin heeft er haast mee en vraagt me elke avond foto’s te sturen om de voortgang bij te houden. Ik ben dus begonnen met opvullen, vooral omdat in het begin goed uitgekeken dient te worden dat de planten, het irrigatiesysteem en het hek heel blijven en omdat de werkers pas verderop in de week kunnen komen. Inmiddels zit er al anderhalve kub in en nu kan er niet meer zoveel fout gaan. Morgen komt er hulp om het samen af te maken.

Het leven in het nog kleinere dorp dan Castril is gemoedelijk rustig. Af en toe ga ik koffie drinken in de bar Municipal in het centrum. In de avond geniet ik vaak met volle teugen van de Kebab schotel met sla die Sandra, de gerente, als geen ander maakt. In een schuurtje heb ik een fiets gevonden waarmee ik de anderhalve kilometer naar Sandra een stuk sneller af kan leggen.

Vandaag zit ik aan de koffie bij Sandra. Ik ken de vaste klanten inmiddels aardig goed en maak graag een praatje met iedereen die maar wil. Er is een iets gezette kleine man die mijn aandacht vraagt. Hij staat nogal opvallend met zijn armen te zwaaien terwijl hij voor zich uit praat. Hij mixt Spaans met Engels. ‘My house está cerca,’ begint hij een gesprek. Op zijn hoofd draagt hij een groen stoffen militair petje, Fidel Castro stijl, met korte klep. ‘You don’t remember me, no?’ gaat hij verder. Hij heeft een grappig voorkomen. In geel t-shirt, korte broek en op sandalen lijkt hij, net als ik, op een guiri, een buitenlander. Vrij snel wordt duidelijk dat hij graag onderwijst. Millan stikt van de weetjes die hij via Google van het internet plukt. ‘I love to study,’ zegt hij met een zwaar Spaans accent. Zijn donkere ogen sprankelen. Na nog wat feiten en weetjes zegt hij waar wij elkaar van kennen. ‘Van de tandarts.’ Ik kan me inderdaad een serieus te lang gesprek herinneren in de wachtkamer, een week geleden, met een man netjes in pak over de opstellingen van de voetbal dreamteams van Ajax, Madrid en Barcelona. Millan tilt even zijn petje op en laat zijn iets kale hoofd zien. Meteen herken ik hem. Nu is hij trouwens een stuk leuker en grappiger! ‘Ai sorry for being so pessado by the dentista,’ zegt hij lachend. Ik wuif het weg met een lach. We geraken in een leuk gesprek over van alles en nog wat. Hij praat veel over Candy Dulfer. ‘Candy is the best. Ai lof her saxofoon.’ Uiteraard strooit hij voortdurend met weetjes in het rond. Als hij iets niet weet, zoekt hij het gelijk op zijn Google apparaat en is hij even stil.
Sandra komt aanzetten met de afstandsbediening van de grote bluetooth box. We mogen muziek maken. Komt dat even goed uit. Ik knal er meteen een liedje in van Nat King Cole, The nature boy. Even worden we raar aangekeken door de regulars, maar we gaan verder alsof er niks aan de hand is. Uiteraard komt Candy, ‘Lily was here’, aan de beurt en de box gaat harder. Het gaat Millan niet snel genoeg en hij switcht naar ‘Pick up the pieces’. Dat knalt hard over het terras. Sandra komt lachend langs rennen met een ronde caña’s, tapbiertjes, en al snel loopt het uit op een coole mini-party. Run DMC met ‘It’s like that’ is de volgende in rij. Iedereen lacht en is druk.
‘Maybe one day I show you my guitar,’ lacht Millan geheimzinnig als we bij de bar staan om af te rekenen. Wat zou hij daar mee bedoelen? Hij heeft wel een duidelijke vrouwelijke kant. Maar ja dat hebben we allemaal.

De volgende dag is hij er weer. En gelijk zitten we weer bij elkaar op het overdekte terras te babbelen als twee oude wijven :). De koffie is snel op en we gaan over op iets anders. Millan drinkt Sol y Sombra, cognac en anijs in een cognacglas met ijs. Ik hou het bij rode wijn. Na nog een tweede ronde aan de bar bij Sandra komt die vraag weer: ‘You want to see my guitar?’ Sandra lacht en ik denk na.
Ach waarom niet. ‘Okay vamos amigo!’
Zoals hij gezegd had, woont hij dichtbij in een typisch wit dorpshuis met dikke muren, een stalen hek als ingang en een kleine buiten entree. Als we binnen zijn slaan we linksaf naar de woonkamer, althans dat denk ik. De woonkamer is een lege ruimte met marmeren vloer, zeker tien gitaren hangend aan de muur, een megagroot houten studio mengpaneel in de hoek en drie grote Fender versterkers langs de raamkant.
Millan maakt een ruim armgebaar in de rondte en roept blij: ‘You laik may studio?’ Boven het mengpaneel hangen foto’s, zwart-wit en kleur, van bekende sterren. Flamenco ster Paco de Lucía, Luis Armstrong, Billy Holiday, Lester Young, Ella Fitzgerald, Paul Desmond enzovoorts. Het is net een museum waarin ik terecht ben gekomen. Hij gaat een rondje langs de gitaren. Van klassiek tot elektrisch. Stratocasters en Fenderblasters of zoiets. Namen als Dire Straits, Mark Knopfler en Metellica komen voorbij. Van gitaren heb ik geen verstand, maar ik denk dat een liefhebber hier zijn hart kan ophalen. ‘Wil je een beetje gitaar geschiedenis horen Roy?’ Hij heeft al een gitaar gepakt en gaat zitten op een stoel. Ik knik. ‘Dan begin ik met Spaans klassiek, okay?’ En hij begint al te tokkelen. Zijn vingers vliegen over de snaren. ‘I have to warm-up my fingers,’ verontschuldigt hij zich. Maar ik zit te genieten van zijn mooie spel. Hij wisselt van klassieke gitaar naar een elektrische, steekt een stekker in één van de Fender versterkers naast hem en gaat verder. ‘Beetje Jazz Roy?’ Hij heeft een funky stijl die me doet denken aan mijn maat Lowik uit Arnhem van de band Duchamps. In mijn hoofd maak ik een mentale notitie dat ik hem moet bellen. Tussendoor praat Millan de boel aan elkaar zoals we van een echte leraar kunnen verwachten. Ik ga er wat ontspannender bij zitten, want dit gaat wel even duren. ‘You laik blues.’ En hij is alweer overgegaan op een volgende muziekstijl. Ge-wel-dig! Ook gebruikt hij voetpedalen om akkoordjes op te nemen en vervolgens daar weer andere solo’s en dergelijke bij te spelen. De versterker gaat harder. Nu is Tina Turner aan de beurt met haar ‘Big wheels keep on turning’ en dan te ‘rollen down the river.’ Millan is duidelijk on fire en gaat meebewegen met zijn hoofd. Als hij een hoge toon haalt krullen ook zijn lippen mee alsof hij op het podium van een enorm stadion staat. ‘Now AC/DC yeah!’ schreeuwt hij boven de muziek uit en begint mee te zingen. Het is niet van echt te onderscheiden zo mooi en zuiver gaat hij tekeer. Ik kan niet anders dan ook mee te zingen. Hij neemt me mee door de werelden van andere hardrockgroepen. En ondanks dat Millan bescheiden blijft over zijn kunsten ben ik zwaar onder de indruk. Nu maar hopen dat de buren er geen last van hebben. ‘Die zijn half doof,’ stelt hij me gerust.
In de bar regel ik, als dank voor dit privéconcert of eigenlijk een reis door de wereldse muziekgeschiedenis, een drankje en een hapje voor ons. Je verwacht het niet, zo’n talent tegen te komen in een oud verlaten dorp in de binnenlanden van Spanje tussen de boeren en de olijfbomen.

Voor het huis zorgen is meer werk dan Martin me had voorgehouden. Het zwembad is na drie dagen al groen. Met een bezem schrob ik de wanden schoon en met de stofzuiger doe ik de bodem. Dan na advies van Bert, mijn roommate in Castril, ook met de pomp zuiveren op stand 1. Ook de tuin vergt meer werk. De ingestorte hoek mag niet met het buizensysteem gesproeid worden, omdat de muur nog niet droog is. Dus met de hand sproei ik daar ’s morgens en ’s avonds en met de kruiwagen de rest verderop.
De honden zijn superlief. Alleen één van de twee, ik noem geen namen maar haar naam begint met een ‘A’ en eindigt op i/me :), loopt weg zodra ze een opening in het hek vindt. Martin had gezegd dat ze niet weg konden lopen. Tot 4x aan toe kiest ze het hazenpad. Na elke vlucht repareer ik, met veel kunst en vliegwerk, de bewuste plek. Eén keer ben ik anderhalf uur aan het zoeken op-en over de berg achter het huis. Een andere keer rent ze luid blaffend op de buurman af, die op zijn land bezig is met onderhoud aan zijn olijfbomen. De man schrikt zich terecht een ongeluk en schreeuwt met al zijn kracht. Het loopt met een sisser af. En als ik de bewuste buurman tegen kom in de bar Municipal, kan ik hem een drankje en nogmaals mijn excuses aanbieden.

Martin komt overmorgen terug. Diezelfde middag komen er ook vrienden van hem op visite die een roadtrip van tien dagen aan het maken zijn door Zuid-Spanje. Elke dag maken ze filmpjes die ze posten op social media. Eén van de twee is een bekende Nederlander, begrijp ik van Martin. ‘Misschien willen ze jou wel interviewen over je boeken,’ spreekt hij veelbelovend via Facetime. Ik zorg ervoor dat het huis brandschoon is, het zwembad zo transparant is als een glas Jenever, alle bedden verschoond zijn en er een grote pan linzensoep klaar staat.

Wordt vervolgd…
Elke dinsdag zal er een nieuwe blog verschijnen over Roy, die een nieuw leven wil opbouwen in Spanje.

Ben je op zoek naar leesboeken voor de zomervakantie?

Recent Posts

Leave a Comment

3 × 5 =